Ik kan niet zeggen dat ik een ‘liefhebber’ (laat staan kenner) van oorlog ben. Maar omdat ik er in Romagne-sous-Montfaucon en omgeving constant mee geconfronteerd word, heb ik toch een fascinatie voor de Eerste Wereldoorlog opgelopen. Mijn beste vriend Jelle heeft dat met de Tweede Wereldoorlog. Samen bezoeken we regelmatig oorlogsmusea in binnen- en buitenland. Daaraan is ook hier in Bretagne geen gebrek.
Vandaag reden we naar Plouharnel, waar we een bunker uit WO2 bezochten. Er zijn vitrines waarin taferelen uitgebeeld zijn en er valt enorm veel informatie te lezen. Helaas voor Jelle alleen in het Frans, dus ik heb flink lopen tolken 😊.
Een stukje verderop stond een enorm Frans 340 mm-kanon opgesteld. Daarmee konden granaten van 450 kg met grote precisie over 35 km worden afgeschoten. Het kanon was al gebruikt in de Eerste Wereldoorlog, maar in de Tweede Wereldoorlog buitgemaakt door de Duitsers en door hen ingezet tegen de geallieerden.
Na dit museum reden we door naar La Base in Lorient. Dat was in de Tweede Wereldoorlog een Duitse basis waar vijf onderzeeboten uit het zicht konden worden ‘geparkeerd’. Een afzichtelijk gebouw dat puur voor het praktisch nut was gebouwd, met muren van wel 7 meter dik. Er waren bijna 11.000 tewerkgestelden bij de bouw betrokken. Helaas waren er alleen nog kaartjes voor eind van de middag beschikbaar, dus we hebben er vooral omheen gelopen.
Buiten lag in elk geval nog de Flore S-645. Een onderzeeër die in feite weinig met de basis te maken heeft, want Frans en gebouwd in 1958. Niettemin een indrukwekkend gevaarte met een lengte van 300 meter, dat tijdens zijn 41.000 vaaruren een afstand heeft afgelegd die overeenkomt met 15 rondjes om de aarde.
