De 13 taalvouten die we moeten gaan accepteren (écht niet!)

Deze column uit het NRC is zo herkenbaar, dat het pijn doet. Toch laat ik graag mijn eigen normen en waarden op mijn teksten los, in plaats van die van 15-jarigen. Maar ik voel me soms net een klein Gallisch dorpje dat dapper standhoudt. Of standhout, for that matter…

Dit zijn de 13 taalvouten die we de komende jaren moeten gaan accepteren

Illustratie: Tomas Schats

Memorial Day 2024

Ik ben de tel kwijt hoe vaak we al naar de viering van Memorial Day geweest zijn op de Meuse-Argonne American Cemetery, maar het is altijd weer een indrukwekkende ceremonie. We waren speciaal tot en met vandaag in Romagne-sous-Montfaucon gebleven om er weer bij te zijn. Onze bijzondere aandacht ging natuurlijk uit naar Arthur L. Schlosser, wiens graf Peet en ik geadopteerd hebben.

Na de aansluitende vin d’honneur (voor ons uiteraard alcoholvrij) zijn we weer naar Nederland gereden. We hebben mam en haar auto weer netjes naar Ridderkerk gebracht (zo zijn we ook ) en zijn nu zelf ook weer bijna thuis.

Heerlijke weken gehad in (Zuid-)Frankrijk!

Châteauneuf en Commarin

Altijd als Peet en ik de buurt van Beaune (in de Bourgondië-streek) zijn, realiseren we ons dat wij uitstekende Bourgondiërs zouden zijn. De Bourgondische inslag hebben we in elk geval al 😊. Toch komt ook dit tripje ten einde en rijden we vandaag terug onze vaste thuisbasis Romagne-sous-Montfaucon. Maar niet zonder nog een paar tussenstops…

Om te beginnen reden we naar Châteauneuf en Auxois, waar – uiteraard – een kasteel ligt. Geen nieuw kasteel overigens, maar juist een oud. De eerste onderdelen van dit Châteauneuf verrezen al in de 12e eeuw en in de 15e eeuw breidde Philippe Pot het verder uit. Een belangrijke herinrichting volgde in de 17e eeuw, en ook op dit moment wordt volop gerestaureerd. Het viel ons de afgelopen weken sowieso op dat veel monumenten worden gerestaureerd, en mooi ook. De Fransen, die hun cultureel erfgoed vroeger vaak verwaarloosden, lijken hun leven gelukkig te verbeteren.

Lees verder “Châteauneuf en Commarin”

Ontdekking: oeufs meurette

Gisteravond maakte ik bij Brasserie Carnot in Beaune kennis met de Bourgondische specialiteit oeufs meurette. Dat klinkt als stinkeieren, maar het tegendeel is waar. Het zijn zachtgekookte eieren (op de foto, van internet, staat er één, maar ik kreeg er drie) in een soort stoofschotel op basis van rode wijn met getoast brood. Màn, wat lekker. Zeker een blijvertje!

Overigens schijnt er ook een variant te zijn met witte wijn en epoisse (een Franse kaas). Die proberen we de volgende keer!

Eten in Minerve

Onze laatste dag in Zuid-Frankrijk was er eentje van afbouwen en ontspannen. En hoe doe je dat beter dan met je vrienden luxe gaan lunchen op een fenomenale plek?

We reden met Sandra en Elmar naar een van onze favoriete plaatjes hier, Minerve, waar we gereserveerd hadden bij restaurant Aux 2 Rivières. Gelukkig maar, want het was daar volle bak. We hadden het geluk van de beste plekken op het terras, met het mooiste uitzicht denkbaar: een diepe, rotsachtige vallei waarin twee rivieren samenkomen. En ook dichterbij, op de borden, zag alles er prachtig uit.

Daarna reden we door naar het vakantiehuis van Sandra en Elmar in Beaufort, waar zwembad en hot tub op ons wachtten. Een perfecte afsluiting van een heerlijk verblijf! Morgen rijden we op ons gemak, in twee etappes, terug naar Romagne-sous-Montfaucon.

Lagrasse en zijn abdij

Vanmiddag bezochten we Lagrasse, uitgeroepen tot een van de mooiste dorpjes van Frankrijk. Je waant je er weer helemaal in de Middeleeuwen, met zijn mooie brug, overdekte marktplaats en natuurlijk de abdij Sainte-Marie de Lagrasse.

Dit benedictijnse klooster werd in de 14e eeuw gesticht. In de 16e eeuw werd onder leiding van abt Philippe de Lévis begonnen met de bouw van de imposante toren, die een elegant puntdak had moeten krijgen en in totaal 80 meter hoog had moeten worden. Met de dood van de abt kwamen de werkzaamheden echter stil te liggen. De toren is nog altijd een imposante 40 meter hoog, maar is in feite dus nog niet af.

Het klooster is nog steeds in gebruik, maar wel te bezoeken. Daarbij viel ons, naast het mooi gerestaureerde gebouw, vooral het aantal jonge monniken op. Ik hecht zelf iets teveel aan de leuke (goddeloze) dingen van het leven hier op aarde, maar kan er wel respect voor opbrengen.

Kasteel van Montséret

Zoals ongeveer elk dorp in deze streek beschikt ook Monséret over de ruïne van een voormalig middeleeuws kasteel. De bouw begon al in de 9e eeuw en het gebouw werd in de loop der tijd steeds verder uitgebreid. Helaas werd het kasteel eind 19e, begin 20e eeuw ook weer systematisch ontmanteld. De stenen werden gebruikt voor de bouw van het hedendaagse Montséret en voor de aanleg van een stoomtreinlijn door het departement Aude, die helaas maar kort bestaan heeft. Blijkbaar maakt historisch besef een golfbeweging, want de laatste decennia wordt juist gewerkt aan restauratie van de overblijfselen en de wederopbouw van elementen die verdwenen waren, zoals de uitkijktoren.

De ruïne van het kasteel van Montséret ligt nagenoeg in de achtertuin van het huis waar we verblijven; op een heuvel recht tegenover de toegangspoort. Van onderaf ziet het er nauwelijks als gebouw uit. Vanuit die hoek zie je vooral het massieve gesteente waar het kasteel op en in gebouwd is. Maar hoe hoger/dichterbij je komt, des te meer wordt zichtbaar. Informatieborden helpen je te duiden wat je ziet.

Lees verder “Kasteel van Montséret”

Gruissan, Peyriac-de-Mer, Bages en Roubia

Een vakantie is een goede vakantie als je geen idee meer hebt van de dag. Dat heeft zijn voor- en nadelen… Toen we afgelopen week met Sandra en Elmar afspraken deze zondag vanwege het mooie weer richting de kust te rijden, realiseerden we ons niet dat het Pinksterzondag was. In diverse kustplaatsjes waren festiviteiten georganiseerd en bovendien was het een van de eerste echt zonnige weekends van het jaar. Gevolg: alle Fransen en nog aanwezige toeristen trokken deze zondag richting de kust. Zandvoortse taferelen, zeg maar…

We hadden afgesproken bij een strandtentje in Gruissan, waar de windveren in de lucht wel iets weg hadden van vlammetjes. Verderop in het dorp wilden we naar de zoutpannen gaan kijken, maar door de plaatselijke feestelijkheden waren die nagenoeg onbereikbaar. Die bewaren we dus voor de volgende keer. Dan vertel ik je dan ook het bijzondere verhaal van de algen, de kreeftjes en de roze kleur van flamingo’s…

Lees verder “Gruissan, Peyriac-de-Mer, Bages en Roubia”

Abdij van Fontfroide

Niet ver van Montséret ligt de abdij van Fontfroide. Deze mooie zandstenen abdij is genoemd naar de koudwaterbron waarbij die in 1093 gebouwd is. Er werkten cisterciënzerse monniken naast ‘gewone’ mensen (lekenbroeders), zij het wel gescheiden van elkaar.

Nadat in 1901 de laatste geestelijken het gebouw hadden verlaten, kochten Gustave Fayet en zijn vrouw Madeleine d’Andoque het. Zij voerden een tien jaar durende restauratie uit, waarmee ze de abdij voor verval behoedden. Ook brachten ze met o.a. glas-in-loodramen kleur in het gebouw, dat daarvóór heel sober van aankleding was geweest, en verzamelden ze er oude en hedendaagse kunstwerken.

Tegenwoordig is de abdij (tegen betaling) open voor een bezoek. Het enige jammere daarbij is, dat geen van de vertrekken meer gemeubileerd is. Daardoor gaat de aandacht wel weer voor 100% uit naar het gebouw zelf, dat mede dankzij de restauratie in een fraaie staat is. De oude begraafplaats van de monniken en lekenbroeders is tegenwoordig een tuin met 1.500 rozen, verdeeld over 16 verschillende soorten. Op de hoger gelegen terrassen is de kruidentuin, waar bomen een heerlijke schaduw geven.

Lees verder “Abdij van Fontfroide”

De vier kastelen van Lastours

In Lastours ligt op een heuvelpartij een groep van vier kastelen: de Quertinheux, Surdespine, Tour Régine en Cabaret. Die zijn via een stelsel van weggetjes met elkaar verbonden. Uiteraard volgen die weggetjes het landschap, dus dat betekent veel klimmen, afdalen en weer omhoog kleuteren over een – al met al goed begaanbaar – netwerk van trappen en paden. Genoeg water meenemen is een voorwaarde, want dat kun je eenmaal boven nergens krijgen. Niettemin heb je na drie uur je tong behoorlijk op je schoenen hangen…

We maakten de tocht met onze grote vriend Elmar, die hier al twee keer eerder was geweest. Peet en ik besloten achteraf dat dit een ‘once in a lifetime experience’ was, en ook hij verklaarde dat driemaal wel scheepsrecht was 😉

Lees verder “De vier kastelen van Lastours”