Oranje blunder, oranje blunder, leve de koningin

Ik moest vanochtend even de deur uit. Dus ik neem op de 9e de lift en stap op ‘0’ uit, recht in de armen van drie mensen die met elkaar staan te praten. Althans, er praat er eentje. De andere twee luisteren. Maar zo gaat dat in een goed gesprek. Ik groet hen vriendelijk, denk nog ‘wat een uitbundige ketting’, en sla rechtsaf richting de buitendeur.

Daar stuit ik op een groepje mensen, waarvan er zeker vier het ‘gesprek’ met hun mobieltje staan te filmen. Er valt met donderend geraas een kwartje in mijn hoofd: de burgemeester staat hier een lintje uit te reiken! Ik neem een duik. Tevergeefs natuurlijk. Ik zal er wel haarscherp opstaan. Gelukkig was ik onherkenbaar door mijn mondkapje.

Niettemin: SORRY!!

Alleen al hierdoor zal de lintjesregen nog wel een paar jaar naast mij vallen…

Poster van Hoshi als statement

Hoshi is een getalenteerde Franse zangeres. Ik ben fan. Ook is ze openlijk onderdeel van de LHBTIQ+ gemeenschap. Dat zij tot die groep behoort en daarvoor uitkomt is natuurlijk helemaal prima. Althans, dat vind ik. Want je moet weten dat Hoshi, sinds ze op het podium met een van haar (vrouwelijke) bandleden zoende, de meest vreselijke bedreigingen toebedeeld gekregen heeft.

Afgelopen week deed Fabien Lecoeuvre, een Franse ‘muziekdeskundige’, in een radioprogramma nog even een seksistische duit in het zakje. Hij betoogde (ik vat het even voor je samen) dat hedendaagse popsterren niet meer om aan te zien zijn. “Neem nu Hoshi. Een enorm talent hoor, dat staat buiten kijf. Maar zou jij een poster van haar op je kamer hangen? Ze is doodeng. Laat ze haar liedjes aan mooie zangeressen geven.”

Uiteraard kreeg dit heerschap vervolgens Hoshi (“U bent om te kotsen”) en de halve artiestengemeenschap over zich heen, maar dit statement vind ik misschien nog wel het mooiste. Een copyshop heeft in Parijs wel degelijk een poster van Hoshi opgehangen, verwijzend naar deze Fabien Lecoeuvre (zijn naam kan niet genoeg beschimpt worden) en de tekst: ‘J’existe, et fuck le reste’. Die hoef ik niet te vertalen hè?

Guess who’s back! 😻

Je ziet het niet, maar Prada is momenteel radioactief. Om goede redenen gelukkig. Ze had, zoals zoveel poezen van boven de 10, last van haar schildklier. Gelukkig ontdekten we dat al heel snel. Toen kreeg ze pilletjes, waarmee we het probleem onder controle konden houden. Die moest ze tweemaal daags hebben, bovenop een pilletje voor haar nieren. Nu is Prada niet zo van de pilletjes, maar als we ze verpakten in een dun laagje kauwgomachtig spul met een lekker smaakje, dan lukte het wel. Tot een tijdje geleden. En aangezien die pilletjes noodzakelijk waren, moesten we die haar dus letterlijk door haar strot gaan duwen. Die taak nam Peet op zich, want ik ben daar veel teveel een watje voor. Na verloop van tijd merkten we echter dat Prada Peet begon te wantrouwen, en dat vonden we verschrikkelijk. Dus gingen we op zoek naar alternatieven…

Er zijn er twee:

  • Een operatie, waarbij het verkeerde weefsel wordt weggehaald, maar dat is nogal een forse ingreep, waarbij je maar moet hopen dat er niets achterblijft
  • Een prik met radioactief jodium, waarna – als het goed ‘pakt’ – de poes voor de rest van haar leven van de kwaal af is

Lees verder “Guess who’s back! 😻”

Alweer 35 jaar geleden overleed Henri

Na de tweede wereldoorlog kwam Enrico Pividori vanuit een plaatsje in de buurt van Venetië naar Frankrijk om te werken. Na wat omzwervingen ging hij als knecht aan de slag bij de boerenfamilie Leclerc in Romagne-sous-Montfaucon terecht. Dezelfde familie waar ik halverwege de jaren ’70 – ik was een jaar of 6, 7 – terechtkwam. Ik was vóór de camping waar wij stonden op een langsrijdende boerenkar gesprongen en klauterde daar pas weer af toen die tot stilstand kwam op het erf van de boer. Ik ben er nooit meer weggegaan.

Wij kwamen vanaf toen elk jaar op die kleine camping, waar mijn zus en ik (en ook mijn ouders) vrienden voor het leven maakten. Maar mijn grootste vriend was Henri. Nou ja, heel groot was hij niet. En dat kwam niet in de minste plaats door zijn bochel. Mijn Frans was destijds natuurlijk nog niet heel best. Dat van Henri trouwens ook niet. Het was een mengeling van Frans (waarbij hij een voorkeur had voor de Bargoense woorden, i.p.v. Algemeen Beschaafd Frans) en Italiaans. Articuleren kwam in zijn woordenboek niet voor, en het hielp niet dat hij altijd zijn onafscheidelijke pijp in zijn mond had. En desondanks hadden we hele gesprekken samen. Ik verstond hem misschien niet, maar ik begreep hem precies.

Op zijn vrije dag gingen we altijd samen wandelen. Hij heeft me de hele omgeving laten zien en me heel veel geleerd over de natuur. Op de terugweg gingen we altijd even via de camping. Daar stond dan een lekker biertje voor hem koud. Dat lustte hij wel, na zo’n lange wandeling. Op andere momenten trouwens ook 😉.

Lees verder “Alweer 35 jaar geleden overleed Henri”